Jaroslav Hašek (1883-1923) is een naam die misschien weinig belletjes zal doen rinkelen. “Wat doet hij dan op deze blog!”, hoor ik u al denken? Zijn invloed op literaire ontwikkelingen is niet te onderschatten. Daarnaast was hij ook een bijzonder man, een bohemien uit Bohemen, een anarchist die aanschurkte bij de Bolsjewieken, maar vooral een tegendraadse stem die het absurdisme gebruikte in zijn afkeer voor oorlog en autoriteit. Welkom in de wondere, bizarre en subversieve wereld van Jaroslav Hašek, de Bad Bohemian.

Ontheemd in de Bohemen

Hašek werd in 1883 geboren in Praag, op het moment dat de hoofdstad van Tsjechië, net als het hele land, nog deel uitmaakte van de dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije en bestuurd werd door Duitstalige bureaucraten. Onder leiding van de Habsburgse keizers was het keizerrijk een log en verouderd vehikel geworden, dat verschillende naties en nationaliteiten onder de knoet probeerde te houden. Terwijl deze broeihaard zou ontploffen in Oost-Europa, onder impuls van de panslavistische beweging in Servië en Bosnië, groeide ook het Tsjechische resentiment.
Hašek was de zoon van een wiskundeleerkracht met een drankprobleem, en leefde samen met zijn gezin, nog bestaande uit zijn moeder, een jongere broer en een nicht in armoede. Door vaak van plek naar plek te verhuizen kreeg de jonge Hašek nooit het gevoel ergens thuis te horen. Zijn ontheemde staat werd de norm, iets wat zijn vrijblijvendheid in latere jaren misschien kan verklaren. Zijn schoolcarrière verliep moeilijk, hoewel hij uiteindelijk wel zou afstuderen in de handelsschool. Na enkele mislukte avonturen, onder andere als bankklerk, een job die stopte omdat hij liever naar de kroeg ging dan zijn job uit te voeren, en hondenfokker, koos hij voor een grotere vrijheid, en stortte hij zich op de journalistiek en de literatuur.
De anarchist-soldaat
Hašek had ondertussen de vrouw van zijn leven (of toch voor even) ontmoet, maar de ouders van Jarmila Mayerová moesten niets weten van hem, aangezien hij vanaf 1906 was toegetreden tot de anarchistische beweging in Praag. Hierdoor was hij ook al enkele keren in aanraking komen met het gerecht en de politie, onder andere door vandalisme en een gevecht met een politieagent.
Hopend dat hij haar ouders kon overtuigen van zijn goede aard en intenties probeerde hij het anarchisme achter zich te laten en zich toe te leggen op een carrière als schrijver en journalist, met wisselend succes. Hij schreef een massa kortverhalen en werd zelfs even redacteur van een magazine over dieren, waar hij echter werd ontslagen omdat hij artikels publiceerde over dieren die hij zelf had verzonnen en andere artikels had geplagieerd. Ondertussen was hij wel succesvol getrouwd met Jarmila Mayervá, maar het huwelijk zou maar drie jaar duren en in 1913 was het echtpaar opnieuw uit elkaar, alleen niet officieel gescheiden. De gekkigheid hield in 1914 echter even op.
De oorlog brak uit, waarbij Oostenrijk-Hongarije aan de zijde van Duitsland vocht tegen Rusland, Frankrijk en Engeland. Hašek sloot aan bij het Oostenrijk-Hongaarse leger. In de korte tijd dat hij daadwerkelijk in dienst was, vond hij inspiratie voor zijn roman De Brave Soldaat Švejk. Maar in 1915 zou hij al meteen opgepakt worden door de Russen. Daar werd hij naar een kamp gevoerd, waar hij zich op slinkse wijze staand wist te houden en zelfs het vertrouwen van de kampbewaarders te winnen, terwijl er voor de Tsjechen normaal gezien weinig sympathie was weggelegd.
De Bolsjewiek-anarchist

In 1916 mocht hij het kamp verlaten en kwam hij terecht bij het Tsjechoslowaaks legioen, dat de oorlog wou gebruiken om de onafhankelijkheid van Bohemen, Moravië en Slowakije te forceren. Het verhaal van Hašek wordt zo mogelijk nog vreemder. Na de Russische revolutie blijft hij gewoon in Rusland en wordt hij zelfs Bolsjewiek. In Moskou hertrouwt hij, hoewel hij officieel nog niet gescheiden is met Jarmila. Twee jaar na de revolutie keert Hašek terug naar Praag.
Daar is zijn reputatie er niet op verbeterd. Hij was doodverklaard tijdens de oorlog (en schreef later ook een spottend artikel over zijn eigen overlijdensbericht). Maar bij zijn terugkomst wordt hij niet enkel gezien als een verrader, die aanleunde bij de Russische vijand tijdens de oorlog, maar ook een oproerstoker en een bigamist (terecht). Dat bemoeilijkt zijn literaire carrière, ook al werkt hij aan het boek dat zijn naam willens nillens de tand des tijds zou doen verleven. Osudy dobrého vojáka Švejka za světové války of de lotgevallen van de brave soldaat Švejk tijdens de wereldoorlog.
De schrijver

Los van de interessante figuur die Hašek was, krijgt hij hier vooral een plaatsje in de hall of fame van de Tand des Tijds vanwege bovenstaand werk, een bijzonder boek dat qua stijl (die eigenlijk ontbreekt of divers is) en geest (die ook alle kanten uitgaat) de tijdsgeest zowel omvat als radicaal overstijgt. De brave Soldaat Švejk is een semi-autobiografisch relaas over een soldaat die tijdens wereldoorlog I gaat vechten maar daar op (onbedoeld) subversieve wijze zijn oversten tot wanhoop drijft. Hašek gebruikt allerlei stijlen en genres, onder andere ook nieuwsberichten, liederen, monologen,…
Het enthousiasme van Jozef Švejk, en het feit dat hij alle instructies letterlijk neemt, doet zelfs de krijgsheren twijfelen aan zijn mentale gezondheid. Het is niet duidelijk of Švejk simpel is of doet alsof. Na een korte opname wordt hij toch naar het leger gestuurd. Daar wordt hij o.a. de dienstknecht van een legerkappelaan die hem moet afstaan aan een luitenant bij een partijtje kaarten. Ook komt hij bijvoorbeeld te laat voor de trein, waardoor hij de reis naar het kamp van zijn regiment te voet moet doen en bij aankomst aanzien wordt als desserteur, wat nog eens wordt herhaald wanneer hij na een wandelpartijtje een Russisch uniform aandoet. Švejk weet zichzelf continu in problemen te werken, maar geraakt er ook steeds weer uit, door zijn gelatenheid en zijn omarming van de dwaasheid.
De personages zijn absurd en cynisch. De boodschap is duidelijk. De gewone man moet vechten in een oorlog die hem niet interesseert voor een keizer die niemand leuk vindt. De staatspolitie en het gevangenispersoneel zijn sadistisch en corrupt. Conservatie personages blijken er een bedenkelijke levenswandel op na te houden. De legertop stuurt mensen de ellende in terwijl ze zelf wentelen in incompetentie en decadentie. De dubbele moraal is overal. Maar dit alles wordt verpakt in een grote dosis humor en absurdisme.
De oorsprong van het boek lag in een kortverhalenbundel in 1912. Tussen 1921 en 1922 schreef hij de eerste driedelen van dit boek. Het was de bedoeling dat er nog twee of drie delen zouden volgen, waarin ook de periode bij de Russen werd behandeld, maar Hašek overleed op 40-jarige leeftijd, met een slechte gezondheid, overgewicht en een groot drankprobleem in 1923. Er kwam wel nog een postuum vierde deel uit.
Impact

Misschien vallen sommige mensen die deze blog lezen redelijk hard uit de lucht. Toch had het boek in zijn tijd en ook daarna een zekere culturele en maatschappelijke impact. Het had een rechtstreeks invloed op onder andere Joseph Heller en zijn Catch 22. Bertolt Brecht schreef dan weer een door Hašek geïnspireerd vervolg over de tweede wereldoorlog. Ondanks de luchtige, absurde toon was De brave soldaat een van de eerste romans die zo manifest anit-oorlog was en de gruwel en absurditeit van de 1ste Wereldoorlog in het bijzonder beschreef.
Ook maatschappelijk behield het zijn invloed, zeker in Centraal- en Oost-Europa, waar het een heel populair was en bleef. Anders dan Kafka schreef Hašek op toegankelijke wijze in zijn moedertaal. De Tsjechische taal bevat zelfs verwijzingen naar het boek. Švejking betekent de manier om om te gaan švejkárna, zogenaamde gebeurtenissen of instellingen die zo absurd zijn dat men een manier moet zoeken om er mee om te kunnen gaan of er door te geraken. Jozef Švejk wordt door zijn vermogen om zich door het leven te spartelen gezien als een Tsjechische volksheld. Een szwej is in Polen dan weer een doorwinterde soldaat, misschien wat raar, gezien de malavonturen van het hoofdpersonage.
Conclusie
Jaroslav Hašek heeft zeker zijn verdienste in de literatuur en de vroeg twintigste eeuwse cultuur, maar was ook een fascinerende figuur die zelf ook door de samenleving en het leven svejkte. Als man van twaalf stielen en dertien ongelukken wist hij toch geregeld zijn stempel te drukken en had hij een enorme literaire output. Hij heeft dan ook een belangrijke nalatenschap in de vorm van zijn boek De Brave Soldaat Svejk. Misschien is hij niet meteen een goed voorbeeld als mens, maar wel een interessant voorbeeld van de modernistische, onafhankelijke stem die met alles en iedereen lacht, inclusief met zichzelf en zo de maatschappijkritiek een absurde, humoristische dimensie gaf. Hij was hierin zeker niet de eerste, maar door zijn unieke levensverhaal en -stijl verdient hij zeker een plaatsje op deze tand des tijds.




































